Beslissing - OMV_2026076824 - 2026154 - het regulariseren van een tuinhuis en verhardingen te Op de Koopman 27 - afdeling 2 sectie A nr. 713L3 - voorwaardelijke vergunning - door CBS dd. 28 september 2026

 

BEKENDMAKING BESLISSING OMGEVINGSVERGUNNING

 

 

Dennis Vanderhoeven hebben een aanvraag ingediend voor:

  • stedenbouwkundige handelingen als vermeld in artikel 4.2.2 en artikel 4.2.4 van de VCRO

 

Kort omschreven gaat het over Het regulariseren van een tuinhuis en verhardingen.

 

Omgevingsloket nr.: OMV_2026076824

 

De aanvraag heeft als adres afdeling 2 sectie A nr. 713L3.

 

Het College van burgemeester en schepenen heeft op 28/09/2026  de omgevingsvergunning voorwaardelijk verleend. onder volgende voorwaarden:

  1. De verhardingen op het terrein dienen ofwel uitgevoerd te worden in waterdoorlatende materialen, ofwel af te wateren naar een naastgelegen groenzone op eigen terrein, met een minimale oppervlakte van 1/4de van de afwaterende oppervlakte, conform de bepalingen van de gewestelijke hemelwaterverordening van 10 februari 2023.

 

  1. Hemelwater moet volledig op het eigen terrein worden opgevangen, gebufferd en geïnfiltreerd. Naastliggende percelen, met inbegrip van het openbaar domein, mogen geen hinder of wateroverlast ondervinden. Hemelwater mag niet rechtstreeks afwateren naar aanpalende percelen, het openbaar domein of de openbare riolering.

 

  1. Onderaan de inrit moet een opvanggoot worden geplaatst vóór de perceelsgrens. Deze opvanggoot moet effectief, duurzaam en voldoende functioneel worden aangesloten op de bestaande ondergrondse infiltratievoorziening op het eigen terrein, zodat het hemelwater van de inrit niet rechtstreeks naar het openbaar domein of naar aanpalende percelen kan afstromen.

 

  1. De aanplant van minstens één hoogstamboom op het perceel is verplicht. Aangezien de oorspronkelijk voorziene locatie wordt ingenomen door het tuinhuis, moet deze hoogstamboom alsnog worden aangeplant op een geschikte alternatieve plaats in de achtertuinzone.

 

  1. De aanplant moet gebeuren uiterlijk tijdens het eerstvolgende plantseizoen na het afleveren van deze omgevingsvergunning en moet nadien duurzaam in stand worden gehouden.

 

  1. De hoogstamboom moet minstens plantmaat 12/14 hebben. Bij uitval moet de hoogstamboom in het eerstvolgende plantseizoen worden vervangen door een nieuwe hoogstamboom die voldoet aan deze voorwaarden.

 

  1. De aanvrager neemt alle nodige voorzorgsmaatregelen om de nieuwe aanplanting te laten slagen. Dit houdt minstens in: een zorgvuldig uitgevoerde aanplanting met kwalitatief degelijk plantgoed, het gebruik van een steunpaal of wortelverankering en, indien nodig, bescherming tegen wild- en/of veevraat.

 

  1. Bij aanplantingen nabij perceelsgrenzen moet rekening worden gehouden met de bepalingen van het goederenrecht. Hagen en struiken moeten op minstens 50 cm van de perceelsgrenzen worden aangeplant. Hoogstammige bomen moeten op minstens 2,00 m van de perceelsgrens worden aangeplant, tenzij anders overeengekomen of toegestaan overeenkomstig de toepasselijke regelgeving.

 

  1. Wanneer een particulier of rechtspersoon (aanvrager) verharding of een niet-overdekte constructie wil aanbrengen op het openbaar domein tussen de vergunde private inrit(ten) en de rijweg, gelden de volgende voorwaarden:

 

  • De werken mogen enkel gestart worden na schriftelijke toelating (staat van bevinding) van de technische dienst; Alvorens te starten met de werken, van welke aard ook, dient een staat van bevinding te worden opgemaakt van het openbaar domein in een ruime omgeving rond het betrokken perceel.  Dit dient te gebeuren in opdracht van en op kosten van de bouwheer. De werken mogen pas gestart worden na ondertekening van de staat van bevinding door een afgevaardigde van de stedelijke technische dienst;

 

  • De toelating verleent enkel het gebruiksrecht voor het uitvoeren van de werken, niet voor het in eigendom nemen van de betrokken strook openbaar domein; De aangelande verwerft geen zakelijke rechten op het openbaar domein;

 

  • De aanleg moet zodanig gebeuren dat geen schade of hinder ontstaat aan nutsleidingen of aanplantingen; Schade wordt volledig hersteld op kosten van de aanvrager; De aangelande is verantwoordelijk voor de kosten, uitvoering en onderhoud van de aangebrachte verharding;

 

  • In geval van werken of herinrichting van het openbaar domein door of in opdracht van de wegbeheerder of nutsmaatschappijen, kan de aangebrachte verharding zonder voorafgaande kennisgeving en zonder enige vergoeding worden verwijderd of aangepast. Na uitvoering van dergelijke werken kan geen aanspraak worden gemaakt op heraanleg door de stad of op schadeloosstelling.

 

  • De verharding mag niet breder zijn dan de vergunde inrit(en) en parking;

 

  • De uitgraving mag niet dieper zijn dan maximaal nodig om de fundering aan te brengen tot op draagkrachtige grond, tenzij anders toegestaan door de technische dienst;

 

  • De aanleg van deze verharding dient waterpasserend te zijn;

 

  • Het afgewerkte niveau moet afgestemd zijn op het bestaand trottoir en mag geen struikelgevaar of drempel vormen;

 

  • Inbreuken op deze voorwaarden zullen leiden tot het herstel in de oorspronkelijke toestand op kosten van de overtreder.

 

 

  1. Alle kosten voor eventuele aanpassingen aan het openbaar domein zijn voor de aanvrager  (alle werken om aan te sluiten op de bestaande verhardingen, aanleg verhardingen, groenaanleg,…).

 

  1. Eventuele aanpassingen aan de nutsvoorzieningen (elektriciteit, gas, telefoon, water, telekabel, riolering, verplaatsen verlichtingspalen ,enz...) ten behoeve van de bouw van dit project zijn volledig ten laste van de aanvrager.

 

  1. Men dient het bestaande niveau van de betonweg en het grondniveau van de aangrenzende percelen te behouden.

 

  1. De reeds aangelegde inritten en de gewapende grasbermen dient men tegen eventuele schade tijdens de werken te beschermen, deze dienen behouden te blijven.

 

Algemene voorwaarden/aandachtspunten:

 

-          De bouwheer dient, conform artikel 8 van het decreet op het archeologisch patrimonium de dato 30 juni 1993 en zijn latere wijzigingen, elk roerend of onroerend goed dat hij vindt of vermoedt gevonden te hebben, te melden binnen de 3 dagen aan het Onroerend Erfgoed Limburg, Hendrik Van Veldekegebouw, Koningin Astridlaan 50 bus 1 te 3500 Hasselt (www.onroerenderfgoed.be/een-vondst-melden).

 

-          De aanvrager is ertoe verplicht het begin van de werkzaamhedenof handelingen waarvoor vergunning is verleend, door te geven via het Omgevingsloket ten minste acht dagen voor het aanvatten van die werkzaamheden of handelingen.

 

Een afschrift van de beslissing kan je opvragen via omgevingsloket@bree.be

 

U kan, als betrokken publiek, een beroep instellen tegen deze beslissing. U behoort tot het betrokken publiek als u als natuurlijke persoon, rechtspersoon, vereniging, organisatie of groep met rechtspersoonlijkheid (waarschijnlijk) gevolgen ondervindt van, of belang hebt bij de beslissing over een omgevingsvergunning of de bijstelling van de vergunningsvoorwaarden.

 

Het beroep wordt bij voorkeur digitaal ingesteld via het omgevingsloket: omgevingsloketinzage.omgeving.vlaanderen.be.

U kan ook een analoog beroep instellen. Stuur hiervoor een beroepschrift per aangetekende brief naar de deputatie van de provincie Limburg, op het volgende adres:

De Deputatie van de provincie Limburg, T.a.v. Directie Omgeving, Dienst Omgevingsvergunningen, Universiteitslaan 1, 3500 HASSELT.

Volg hierbij de volgende aanwijzingen nauwgezet op.

Het beroep moet worden ingesteld binnen een termijn van dertig dagen die ingaat de dag na de eerste dag van de aanplakking van de beslissing.

Bezorg gelijktijdig bij beveiligde zending (bij aangetekende brief, of tegen ontvangstbewijs, of via het omgevingsloket) een afschrift van uw beroepschrift aan:

-          de vergunningsaanvrager.

-          het college van burgemeester en schepenen van Bree.

Vermeld in uw beroepschrift het volgende:

  1. uw naam en adres en het feit dat u een beroep instelt als lid van het betrokken publiek;
  2. de volgende referentie: OMV_2026076824;
  3. de redenen waarom u beroep aantekent;
  4. een omschrijving van de gevolgen die u ondervindt of waarschijnlijk ondervindt van deze beslissing of het belang dat u hebt bij de beslissing over de omgevingsvergunning.
  5. of u gehoord wenst te worden.

 

Stort een dossiertaks van 100 euro op het rekeningnummer van de provincie Limburg - BE18 0910 1811 3565 (BIC: GKCCBEBB) met als referentie ‘’beroep omgevingsvergunning OMV_2026076824’’ en voeg het betalingsbewijs toe aan uw beroepschrift.

De teksten waarvan dit een bondige samenvatting is, vindt u in artikel 53 en volgende van het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning en in het bijhorende besluit van de Vlaamse Regering van 27 november 2015.

Bijlagen ter inzage